Pampakat - Oncifelis colocolo

Naamgeving en taxonomie
NL: pampakat / graskat
EN: pampas cat

In Argentinië en Chili is de pampakat bekend als ‘gato pajero'. ‘Pajero' is de lokale benaming voor pampagras, dit verwijst naar het leven op de graslanden.

Wozencraft classificeerde de pampakat is het geslacht Oncifelis om de dichte verwantschap van de pampakat met de Geoffroykat (Oncifelis geoffroyi) en de Kodkod (Oncifelis guigna) aan te geven. Het deel colocolo komt waarschijnlijk van de held Colocolo.

Er zijn zeven ondersoorten beschreven:
- F. (O.) c. colocolo - Centraal Chili
- F. (O.) c. braccata - Centraal Brazilië
- F. (O.) c. budini - Noordwest Argentinië
- F. (O.) c. crespoi - Noordwest Argentinië
- F. (O.) c. garleppi - Zuid Peru en west Bolivia
- F. (O.) c. pajeros - Centraal Argentinië
- F. (O.) c. thomasi - Ecuador en noord Peru

Taxonomische evaluatie van 96 museum exemplaren van de pampakat heeft tot de conclusie geleid dat door de geografische verschillende de pampakat eigenlijk drie verschillende soorten zijn. Dit zijn de Lynchailurus pajeros (hoge Andes tot Ecuador tot Patagonie en Argentinie), Lynchailurus braccatus (Brazil, Paraguay en Uruguay) en Lynchailurus colocolo (Chili). Er is een moleculaire analyse gepland om deze theorie te bewijzen.

Doordat er maar weinig exemplaren van de pampakat beschikbaar zijn, zijn de classificaties soms gebaseerd op speculaties.

Uiterlijk
De pampakat is zo groot als een grote huiskat. Ze hebben een korte, volle staart met bruine of zwarte ringen. De ringen zijn niet altijd duidelijk te onderscheiden. Het gezicht is breed met een korte snuit en soms met twee strepen bij de ogen. Deze ogen zijn relatief groot en amberkleurig. De oren zijn gepunt en zwart met een grijswitte vlek in het midden of ze zijn grijs zonder vlek. Pampakatten kunnen erg verschillen in hun uiterlijk. In sommige gebieden is de vacht kort, zacht en levendig gevlekt en gestreept. In andere gebieden is de vacht lang en bijna effen. De achtergrondkleur van de vacht kan variëren van geelachtig wit tot grijsachtig bruin tot zilverachtig grijs en van alles daartussenin. Sommige dieren hebben lange haren op de rug welke een soort van manen vormen. Deze haren kunnen ze rechtop zetten als de kat bang of nerveus is. De poten zijn kort en gemarkeerd met bruine of zwarte strepen en stippen.

Leefgebied
De pampakat komt voor van de bergachtige gebieden van zuid Ecuador en Peru tot het westen en zuiden van Brazilië, delen van Bolivia, centraal Chili, Paraguay, Uruguay, Argentinië en zuid Patagonie. De pampakat wordt geassocieerd met de pampa's, de open graslanden van Argentinië en Uruguay. Maar de pampakat komt ook voor in de bossen en struikgewassen van Paraguay en de bossen en graslanden van centraal Brazilië en Chili. In de Andes leven de katten tot op een hoogte van 4.800 meter. Ook wordt de kat gevonden in de koude woestijnen van Patagonie. De dieren worden niet gevonden in tropische regenwouden.

Voedsel
Gezien de brede verspreiding is de pampakat een generalist en eet veel kleine dieren zoals cavia's en kleine vogels. Er is geobserveerd dat pampakatten ook pinguïneieren en pinguïnkuikens eten. Ook jaagt de pampakat op kippen in bewoonde gebieden.

Voortplanting
Er zijn geen aanwijzingen voor een seizoensgebonden piek in de voortplanting. De dracht duurt 80-85 dagen. De nesten variëren van 1 tot 3 kittens. De kittens worden op een leeftijd van 21 maanden volwassen. Pampakatten kunnen een leeftijd bereiken van 16 jaar.

Status
De handel in de pelzen van de pampakat is gestopt in 1987. Wel wordt er nog op deze katten gejaagd voor de sport. Maar de grootste bedreiging van de pampakat is het verdwijnen van het leefgebied. In 2002 is de pampakat op de rode lijst van het IUCN komen te staan. De status van de pampakat op de rode lijst is nu nog ‘bijna bedreigd'. Deze status krijgt een diersoort wanneer de soort nog niet tot de criteria ‘ernstig bedreigd', ‘bedreigd' of ‘kwetsbaar' behoort, maar er een grote kans is dat dit in de nabije toekomst wel gebeurt. De pampakat staat ook op de Cites Appendix II lijst. Deze lijst bevat soorten die niet met uitsterven bedreigd worden maar waarvan de handel wel beheerd moet worden zodat het diersoort in stand kan blijven. Ook is de pampakat beschermd bij nationale regelgeving, waarbij de jacht toegestaan is in Argentinië, Bolivia, Chili en Paraguay. In Peru zijn er speciale jachtregels opgesteld voor dit dier.